Een maand alleen op reis – #18 De laatste stad(/p): Brussel

door Sophienne Bos

Het duurde even, maar hier is dan mijn laatste blog. Na Zagreb, Kroatië ben ik naar Brussel gegaan. Mijn neef woont daar. Het was een donderdagavond, volgens hem een erg leuke dag, want het EU parlement heeft dan een borreldag.

En  dus na snel mijn tas bij hem thuis gedropt te hebben liepen we naar een plein vol mensen en bestelden een biertje aan een buiten bar.

Nadat we wat biertjes gedronken hebben en de mensen rond ons aandachtig bekeken en besproken is het tijd om wat te eten te zoeken. Mijn neef spreekt vol liefde over Brussel en de geschiedenis van de stad. We staan stil bij kerkjes, pleintjes en een standbeeld. In deze buurt is nog erg veel terug te vinden van de kolonisatie. Zoals onderstaand standbeeld waarin ik hulpeloosheid en angst zag.

En terwijl we rondliepen, vergaten we compleet de tijd. Tegen de tijd dat we eindelijk een restaurant hadden bereikt, waren ze al gesloten. En dus besloten we terug naar zijn huis te gaan en wat te bestellen. De dag daarna was het tijd om de trein terug naar Nederland te pakken. Mijn neef bood aan mij eerst nog even langs Brussels hoogtepunten te rijden als we vroeg zouden opstaan.

Na een goede nachtrust (de beste sinds mijn reis: in een heerlijk bed, in plaats van op een hostel matrasje) en een ongelofelijk fijne douche, was het tijd om te gaan.

We reden langs machtige gebouwen (zoals het koninklijk paleis), keken uit over de stad, bezochten de Basiliek van Koekelberg en reden langs het Atomium (dat onvoorstelbaar veel groter was dan ik had verwacht).

En toen was het opeens het einde van mijn reis. Ik nam afscheid van mijn neef. Kocht chocolade voor mijn moeder en oma en stapte in de trein richting het land waar ik een maand daarvoor vandaan vertrokken was.

Een ervaring om nooit te vergeten, mensen om nooit te vergeten, steden die me altijd bij zullen blijven en die ik hopelijk opnieuw zal mogen bezoeken.

Ik dacht dat een maand alleen op reis, misschien een eenzame, moeilijk ervaring zou worden, maar eigenlijk ben ik nauwelijks ‘alleen’ geweest. Het was genieten, van begin tot eind :)

Een maand alleen op reis – #17 Leren Jongleren in Zagreb

door Sophienne Bos

Na het prachtige avontuur bij de watervallen was het tijd voor 7 dagen intensieve training, waarbij ik het grootste gedeelte van de tijd de ruimte van de cursus, het park naast de hostel en het hostel terras heb gezien. Keihard hebben we gewerkt. ’s Ochtends begonnen we met ontbijt van zeven tot half negen, om negen uur de eerste training, een koffie pauze, training, lunch, training, koffie pauze, training, avondeten, uurtje vrije tijd (waarin in de laatste dagen telkens werd gewerkt) en ’s avonds het avondprogramma.

Tussendoor heb ik nog wel een paar toffe plekken in Zagreb kunnen zien. Zoals het uitzicht vanaf de 360 graden view toren vlak bij de hostel. Waar we oud Hollands (niet dus, want elk land heeft het spel maar met een andere naam) mens-erger-je-niet hebben gespeeld.

Op woensdagmiddag hadden we vrij. Samen met Fadoua en twee jongens van de training zijn we naar een heerlijk groot park gegaan. Op de trainingsweek waren drie deelnemers (de groep uit Denemarken) circusartiesten. Een van deze drie, Peter, was mee naar het park. Ik heb altijd al willen leren jongleren, en dit was mijn kans.

Eerst met 1 bal, daarna 2 en aan het einde van de middag (na zo’n drie uur) lukte het mij eindelijk de 3 ballen een paar keer in de lucht te houden.  Vanaf dat moment pakte ik elk vrij moment de ballen op. (De ochtend daarop werd ik al in het park naast de hostel oefenend gespot)

Naast mijn nieuwe liefde voor jongleren, ben ik ook dol op Zagreb. Iets wat Zagreb uniek maakt zijn de tunnels die de stad verbinden. In plaats van elke keer de heuvel op en af te gaan, kan je er gewoon recht doorheen!! Ik raad je aan een keer die tunnels in te gaan, de akoestiek is heerlijk! Lekker zingen en schreeuwen 😀

Een maand alleen op reis – #16 Wonderlijke watervallen in Plitvice Kroatië

door Sophienne Bos

Nadat ik mijn ticket had gekocht, werd ik gevraagd om naar een training cursus in Zagreb te gaan. Eerst dacht ik: maar dan ben ik op reis, en al snel veranderde dat naar: dat is een goede toevoeging aan mijn reis.

In Nederland had ik de andere twee Nederlanders één keer eerder ontmoet: Fadoua en Mo. Fadoua zou drie dagen voor de training aankomen in Zagreb. Ik besloot ook eerder te gaan, zodat we samen de stad een beetje konden verkennen.

Toen ik aankwam vertelde ze enthousiast dat ze wat mensen had ontmoet in de hostel en dat het idee was om de dag daarna naar Plitvice te gaan: de prachtige watervallen van Kroatië. Dat klonk geweldig! Die avond gingen we samen met haar nieuwe vrienden uiteten en liepen we wat door de stad. Helaas kon de tour alleen doorgaan als er minimaal 4 mensen waren. Een paar mensen gingen de dag daarna weg, waardoor Fadoua, Diego en ik slechts met zijn drieën waren. Overal zochten we een vierde persoon. We spraken zelfs random mensen op straat aan in de hoop dat ze mee zouden willen.

Toen we een beetje teleurgesteld terugkwamen in de hostel werd ons verteld dat er net iemand van een ander had gebeld om te vragen of hij morgen mee kon naar de watervallen! Ons tripje Plitvice was gered!

De ochtend was vroeg en voelde nog vroeger. Toen we met vermoeide, maar enthousiaste hoofden aan de ontbijttafel zaten.

Na het ontbijt ontmoette we Nick, de jongen uit de andere hostel. Enthousiast vertelde we hoe blij we waren dat hij er was. Ik denk dat we een beetje overweldigend waren, want op de heenweg was hij redelijk stil in de auto. En toen waren we er. Het was de eerste dag dat het hele park weer open was. Onze tourguide zette het tempo er aardig in, want hij wilde ons alles laten zien.

Via houten paden over het water, trappetjes, steile weggetjes, een half uur op een boot, natte routes. door een grot en door het bos liepen we van meer naar meer en zagen waterval na waterval. Wij waren elke keer opnieuw verwonderd. En hoewel we het liefst uren zouden blijven staan joeg onze tourguide ons telkens op. In het begin vervelend, maar op het einde snapte we volledig waarom: hoe verder we gingen hoe groter de watervallen. Het was uitzinnig mooi. Veel mooier dan de foto’s, maar ik zal jullie proberen een idee te geven van hoe het was door ze alsnog te plaatsen :)

Na ons prachtige avontuur kwamen we uitgeput terug in de hostel. Na gegeten te hebben zijn we vrij snel op bed gegaan.

Ik had direct een hechte band met Fadoua. Het voelde alleen erg vreemd om opeens Nederlands te kunnen praten. Ik had mijn hele reis geen enkele Nederlander gezien.

Vol goede energie viel ik snel in slaap. Klaar voor de volgende dag met Fadoua en de jongens en de training die daarna zou komen!

Een maand alleen op reis – #15 Voetjes in de Middellandse Zee bij Piran

door Sophienne Bos

In een ongelofelijk warme bus rij ik van Koper naar Piran. Aan de ene kant de zee, aan de andere kant wijngaarden. Ik heb nooit geweten hoe mooi de natuur in Slovenië is, en geniet met volle teugen. De horror hostel even vergeten, hoewel ik daar vanavond natuurlijk weer naar terug moet.

Aangekomen in Piran loop ik met de stroom toeristen mee langs het kleine haventje (met een verkeersbord (zie foto) waar ik heel hard om moest lachen!), richting de oude stad. Links de zee, rechts restaurant na restaurant. Ik vind het allemaal een beetje te druk om in mijn eentje met mijn boek te gaan zitten. Voor ik het weet ben ik al bij de bocht. Vanaf dit punt kan je zowel de kust van Kroatië als die van Italië zien. Ik blijf even de verte in turen en loop dan verder. De terrasjes hier liggen aan het water, in plaats van met tussen het terras en het water de weg ertussenin zoals voor de bocht. Er is bijna niemand. Ik ga op bankje zitten met heerlijk zachte kussens en bestel een fruitbiertje. Mijn boek ligt onaangeraakt op tafel. Ik kijk naar de bootjes, naar een duikles vlak naast mij en naar de kust van Italië in de verte.

Na ruim een uur gezeten te hebben besluit ik door Piran te gaan lopen. Net als Koper is Piran heel klein. Binnen no-time heb ik meerdere weggetjes gevolgd die uitkomen op hetzelfde punt. Mijn knie is ook moe, tijd om de bus terug te pakken. En dan zie ik het kasteel op de berg. Natuurlijk besluit ik om de klim te maken en van het uitzicht te genieten.

De weg is steil, en pijnlijk voor mijn knie, maar het blijkt het compleet waard te zijn als ik eenmaal boven sta. Voor 1 euro kan ik door een poortje om de oude muur op te klimmen en vanaf het hoogste punt naar Piran te kijken.

Wachtend op de bus stap ik even de Middellandse Zee in, gewoon omdat het kan. Het ijskoude water kleurt mijn voeten al snel rood. Tijd om terug te gaan.

In Koper besluit ik even langs het kroegje te lopen waar ik de dag daarvoor was geweest. Brigita had gezegd dat ze weer zou moeten werken. Onderweg zie ik een man en vrouw hand in hand lopen. Niets raars aan, zou je denken, tot ik het maskertje zie dat de man draagt. Hij bestond dus echt, dit is de man uit de hostel die mij de kriebels had gegeven! Opeens is de mug geen olifant meer en is mijn angst voor de hostel direct verdwenen.

Brigita is blij als ik binnenloop. Drie mannen zitten apart van elkaar een biertje te drinken en verder is er niemand. ‘Over drie uur ben ik klaar met werk. Wil je samen eten?’ Ik ga aan de bar zitten en pak mijn boek. We kletsen, drinken koffie en als ze druk is lees ik mijn boek. Als ze ’s avonds wordt overgenomen neemt ze me mee naar Planet Tûs. Een soort Amerikaanse mall, met bowling, bioscoop, restaurantjes en winkels. Iets waar elke Sloveen in zijn jeugd te vinden is, volgens haar.

Na het eten gaan we nog ergens wat drinken. In mijn kamer ligt een meisje. Ze vertelt dat ze de dag daarna een examen heeft. Veel studenten wonen niet in Koper, maar studeren er wel. Als ze vroeg examen hebben slapen ze altijd in een hostel, legt ze uit. We praten een hele tijd over haar studie, pedagogie, en daarna over politiek en mensen. Over hoeveel mensen we zouden kunnen bereiken als we samen zouden werken.

Om zes uur ’s ochtends wekt ze me kort om mij te groeten voordat ze weggaat.
Twee uur later sta ik om. Tijd om naar Zagreb te gaan.

Een maand alleen op reis – #14 Horror hostel

door Sophienne Bos

Na mijn ontbijt aan zee (lees hoe ik hier terecht kwam in mijn vorige blog) loop ik verder door Koper. Na twee uur ben ik al drie keer door de hoofdstraat gelopen. Koper is heel klein. Opnieuw zoek ik een plek bij het water en blijf daar een eeuwigheid. Hoewel Koper oud en klein is, heeft het wel WiFree. En dus zit ik daar op een bankje aan de Middellandse zee append met vrienden die ik al te lang niet heb gesproken.

Voor het eten keer ik terug naar de hostel. Er is niemand. In de andere steden ontmoette ik mensen in de hostels. Dat zou hier niet gebeuren. Ik vind een restaurant met een terras waar de laatste restje zon nog opvallen. Oudere mannen drinken pilsjes terwijl ze sigaret na sigaret weg paffen. Ik bestel een halve liter bier om te tonen dat ik er prima bij pas en de argwanende blikken die mij hadden moeten weg kijken verdwijnen direct. Met mijn boek ga ik buiten zitten en bestel een bord eten. Als ik ben uitgegeten komt er een meisje aan de tafel achter mij zitten. Ook een verdwaalde toerist? Ik bedenk manieren om met haar te praten. Uiteindelijk laat ik mijn mobiel zien. ‘Do you have WiFi?’

We raken in gesprek. Als ze klaar is met eten vraagt ze me mee naar haar werk, een kroegje om de hoek, net uit het oude Koper. Een vriendin van haar zou er ook zijn, dus ik besluit mee te gaan. En zo vind ik mezelf iets later aan een tafeltje met twee jongens een een meisje. Akward in het begin, hilarisch gezellig na een uur. Ik krijg de lokale shots voorgeschoteld en drink Sloveens bier (natuurlijk met een draak op het logo).

Het is laat als ik terugkeer naar de hostel. Beneden is het donker. Het licht op de gang gaat flikkerend aan als ik bovenkom. Op de gang staan natte voetstappen die in het niets verdwijnen. Misschien was ik dan toch niet de enige in de hostel? Onder geen enkele deur komt licht vandaan.

Ik ga snel naar mijn kamer. Voor het eerst voel ik me niet helemaal veilig. In alle andere hostels waren allemaal mensen geweest, hoewel sommige mensen aan wie ik vertel dat ik ga interrailen het idee dat er allemaal mensen bij je zijn eng vinden, vind ik juist dit, het alleen zijn, ontzettend eng. Buiten het seizoen om naar een klein dorpje reizen was misschien niet het beste idee.

De volgende ochtend ga ik douchen. In de cabine is niet eens ruimte om je handdoek op te hangen, zowaar voordelig dat ik alleen ben. De gang is donker als ik in mijn handdoekje terug loop naar mijn kamer. In de deuropening van een kamer aan het einde van de gang vang ik een glimp op van een man met een masker voor zijn mond, zo een die ze in China dragen. Na met mijn ogen geknipperd te hebben is de man verdwenen.
In mijn kamer vraag ik me af of ik de man echt heb gezien, of dat ik nog zo slaperig ben dat ik me dingen inbeeld.

Nadat ik me heb aangekleed en opgemaakt ga ik naar beneden. In de gang staat een man in een wit pak op de ladder, zijn hoofd verstopt in het plafond. Als hij mij hoort stapt hij naar beneden. Het is de fietser, de receptionist. Ik denk aan een horrorfilm waarbij elke bijrol door dezelfde man wordt gespeeld. Zonder hem te groeten snel ik naar buiten toe.

Op de markt haal ik een croissantje en een kop koffie en loop naar de zee. Ik moet even mijn hoofd leegmaken voordat ik, op aanraden van de Slovenen die ik gisteren heb ontmoet, met de bus naar Piran ga.